Huurders Vereniging Almere

Omdat er iemand aan uw kant moet staan

Statuten Huurders Vereniging Almere

Versie 1 oktober 2007 Gebaseerd op: vigerende statuten (22 januari 1993), voorbereidende stukken werkgroep, bijeenkomsten 11 juni, 12 juli, 14 augustus en 27 augustus 2007 en 27 september en de Verenigingsraad op 17 september 2007. De statuten zijn door de ledenvergadering 29-10-2007 goedgekeurd.   En hebben op 14-02-2008 de notarieele goedkeuring gekregen.
standaard inleiding: notaris
STATUTEN NAAM EN ZETEL VAN DE VERENIGING.
Artikel 1
De vereniging draagt de naam Huurders Vereniging Almere, kortweg, HVA.
Artikel 2 1. De vereniging is gevestigd in de gemeente Almere.
2. De vereniging heeft volledige rechtsbevoegdheid en is opgericht voor onbepaalde tijd op twee en twintig januari negentienhonderd drie  en negentig.
DEFINITIES.
Artikel 3
Voor de toepassing van deze statuten wordt verstaan onder:
1. Huurder: De persoon, die een huurovereenkomst heeft afgesloten met de verhuurster. Onder huurder wordt mede verstaan: a. medehuurder in de zin van artikel 266 boek 7.4 van het Burgerlijk Wetboek; b. de persoon bedoeld in de zin van de artikel 267 boek 7.4 van het Burgerlijk Wetboek; c. degene, die de woongelegenheid met toestemming van de verhuurster onderhuurt.
2. Bewoner: Onder bewoner wordt, naast de huurder en bewoners met een gebruiksovereenkomst, verstaan degene, die met instemming van de huurder zijn hoofdverblijf in de gehuurde woongelegenheid heeft.
3. Bewonerscommissie: De commissie zoals bedoeld in de Wet op het overleg huurders verhuurders, (Overlegwet) en erkend door Ymere en/of de vereniging op grond van het Participatiereglement.
4. Verhuurster: Ymere.
5. Vestiging: De vestiging van verhuurster te Almere.
6. Complex: Een geografische eenheid van wooneenheden van de verhuurster, zoals nader gedefinieerd in het Participatiereglement.
7. Ledenraad De ledenvergadering van de vereniging.
DOEL EN MIDDELEN VAN DE VERENIGING.
Artikel 4
De vereniging heeft als doel het in het kader van de volkshuisvesting behartigen van de belangen van de huurders, medehuurders en  bewoners van woningen die in eigendom of beheer zijn van de vestiging van verhuurster, en in het bijzonder van haar leden.
Artikel 5 De vereniging tracht haar doel onder meer te bereiken door:
1. Het voeren van overleg met directie en medewerkers van verhuurster door middel van deelname aan de overkoepelende huurdersorganisatie  van de verhuurster op concernniveau en het sluiten van een samenwerkingsovereenkomst op dit niveau, zoals genoemd in de Overlegwet;
2. Het voeren van overleg met directie en medewerkers van de vestiging;
3. Vertegenwoordiging van de leden en bewonerscommissies met betrekking tot zaken van gemeenschappelijk belang in het werkgebied van de  vestiging, o.a. door deelname aan het overleg met de gemeente(n), andere huurdersorganisaties en verhuurders;
4. Het onderhouden van relaties met personen en instanties die van belang zijn om de doelstelling van de vereniging te kunnen  verwezenlijken;
5. Het regelmatig verstrekken van informatie aan huurders en bewonerscommissies en het stimuleren van uitwisseling van informatie met  behulp van hedendaagse communicatiemiddelen;
 6. Het stimuleren van de betrokkenheid van huurders en bewoners bij het beheer en beleid van hun woonomgeving, onder meer door actieve  ondersteuning van de oprichting van bewonerscommissies in samenwerking met de vestiging van verhuurster;
7. Het actief zorgdragen voor inbreng van de leden bij het te voeren beleid van de vereniging, zowel door middel van bijeenkomsten als  met nieuwe vormen van participatie en moderne communicatiemiddelen;
8. Het houden van een spreekuur voor huurders, bewoners en bewonerscommissies;
9. Het bevorderen van de deskundigheid op het gebied van de volkshuisvesting van bestuur, leden en bewonerscommissies;
10. Het bevorderen dat het woningbezit van de vestiging voor alle inkomensgroepen toegankelijk en betaalbaar is;
11. Het op verzoek van leden (de afgevaardigden van de bewonerscommissies) voeren van juridische procedures waarmee een huurdersbelang is  gemoeid;
12. Het opbouwen en in stand houden van een organisatie, zoals in deze statuten en eventuele reglementen beschreven, die continuïteit voor  de toekomst garandeert en financiële middelen kan verwerven van verhuurster en andere bronnen;
13. Alle andere activiteiten of middelen die het doel van de vereniging kunnen bevorderen.
Artikel 6 De geldmiddelen van de vereniging kunnen bestaan uit: 1. bijdragen van de verhuurster en de gemeente(n) in het werkgebied; 2. subsidies, schenkingen, erfstellingen en legaten; 3. donaties; 4. andere middelen.
HET LIDMAATSCHAP VAN DE VERENIGING.
Artikel 7
1. Lid van de vereniging kunnen zijn de door de bewonerscommissie afgevaardigde huurders (natuurlijke personen). Iedere bewonerscommissie kan maximaal twee huurders uit het complex afvaardigen. Een bewonerscommissie bepaalt zelf welke personen zij naar de vereniging afvaardigt. Dit mogen geen geschorste leden zijn.
 2. Het bestuur houdt een register bij met namen en adresgegevens van de leden.
3. Aanmelding voor het lidmaatschap geschiedt schriftelijk door de bewonerscommissie bij het bestuur van de vereniging.  Het bestuur beslist over toelating van het lid. De beslissing wordt zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen één maand na ontvangst  van de aanmelding, aan het lid en de bewonerscommissie schriftelijk medegedeeld.
4. Wijst het bestuur de toelating af dan kan de afgewezene binnen vier weken na ontvangst van de afwijzing een schriftelijk verzoek  richten aan de Ledenraad om deze beslissing te herzien. De Ledenraad neemt een beslissing op het verzoek binnen acht weken na het  ingestelde beroep.
5. Het lidmaatschap eindigt: a. door opzegging door het lid; b. wanneer het lid ophoudt huurder te zijn van een woning in het complex dat door hem werd vertegenwoordigd; c. wanneer de bewonerscommissie door welke het lid is afgevaardigd, ophoudt te bestaan. d. door opzegging door het bestuur namens de vereniging; e. door royement; f.  door overlijden van het lid;
6. Opzegging namens de vereniging of royement wordt altijd voorafgegaan door schorsing van het lid;
 7. Het bestuur kan een lid schorsen: a. wanneer een bewonerscommissie het vertrouwen in het lid opzegt en op grond daarvan een verzoek tot schorsing indient bij het bestuur; b. wanneer het lid in strijd handelt met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.
8. Alvorens tot schorsing te besluiten, geeft het bestuur het betrokken lid de gelegenheid zich te verantwoorden. De beslissing tot  schorsing wordt schriftelijk en met opgaaf van redenen aan het betrokken lid medegedeeld. De schorsing heeft onmiddellijke werking.  Het geschorste lid kan binnen één maand na ontvangst van het schorsingsbesluit een schriftelijk verzoek richten aan de Ledenraad om deze  beslissing te herzien. De Ledenraad neemt een beslissing op het verzoek binnen acht weken na het ingestelde beroep.
9. Wanneer een schorsing niet binnen drie maanden gevolgd wordt door opzegging van het lidmaatschap, eindigt de schorsing.
VERENIGINGSJAAR.
Artikel 8
Het boekjaar van de vereniging (het verenigingsjaar) is gelijk aan het kalenderjaar.
HET BESTUUR VAN DE VERENIGING.
Artikel 9
1. De vereniging heeft een bestuur dat bestaat uit tenminste drie en maximaal negen natuurlijke personen. Het bestuur heeft altijd een  oneven aantal bestuursleden om besluitvorming bij meerderheid mogelijk te maken. Mocht het aantal bestuursleden door omstandigheden een  even aantal zijn geworden, dan zal het bestuur op de eerstvolgende ledenvergadering de ledenraad een nieuw bestuurslid laten benoemen.  Tot deze vacature vervuld is zal bij stemmingen binnen het bestuur de stem van de voorzitter doorslaggevend zijn als de stemverhouding  gelijk is.
2. De Ledenraad benoemt de leden van het bestuur.
3. Het bestuur bestaat voor tenminste vijftig procent (50%) uit huurders van verhuurster.
4. Wanneer het aantal bestuursleden beneden het aantal van drie is gedaald, of niet meer wordt voldaan aan de bepaling in lid 3, is het  bestuur demissionair. Het bestuur is dan bevoegd om de meest noodzakelijke taken waar te nemen, maar zal geen nieuwe initiatieven meer  ontwikkelen. Het bestuur is verplicht binnen drie maanden een Ledenraad bijeen te roepen om in de vacature(s) te voorzien.
5. De Ledenraad kiest de voorzitter in functie. De secretaris en penningmeester worden door het bestuur uit haar midden benoemd.  De verdere taakverdeling en functieomschrijving wordt vastgelegd in het huishoudelijk reglement.
BEGIN EN EINDE VAN HET BESTUURSLIDMAATSCHAP.
Artikel 10
1. De Ledenraad benoemt de leden van het bestuur voor drie jaar. Na afloop van deze periode is het bestuurslid terstond herkiesbaar.
2. Het aftreden van de bestuursleden geschiedt volgens een door het bestuur op te maken rooster van aftreden. Het aftredende bestuurslid  is twee maal herbenoembaar voor een periode van steeds drie jaar. In tussentijdse vacatures benoemde bestuursleden nemen op het rooster de  plaats van hun voorganger in.
3. Voor een (her)benoeming komen niet in aanmerking zij die: a. in de eerste en tweede graad verwant zijn aan een ander bestuurslid, dan wel gehuwd zijn of samenwonen met een ander bestuurslid; b. in loondienst zijn bij, dan wel deel uit maken van het bestuur, de Raad van Commissarissen of de klachtencommissie van verhuurster; c. lid zijn van een College van Burgemeester en Wethouders; d. andere functies vervullen die naar het oordeel van de Ledenraad niet verenigbaar zijn met het bestuurslidmaatschap van de vereniging.
4. Het bestuurslidmaatschap eindigt voorts door: a. opzegging door het bestuurslid, hierbij dient hij een opzegtermijn van tenminste één maand in acht te nemen; b. door ontslag door de Ledenraad; c. overlijden van het bestuurslid.
5. De Ledenraad kan om zwaarwegende redenen besluiten af te wijken van het in lid 2 bepaalde.
SCHORSING EN ONTSLAG VAN BESTUURSLEDEN.
Artikel 11
1. De Ledenraad kan een bestuurslid schorsen of ontslaan wanneer hij in strijd handelt met de statuten, reglementen of besluiten van de  vereniging of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.
2. Aan een geschorst bestuurslid komen geen rechten en bevoegdheden toe die deze op grond van de wet of statuten anderszins zou toekomen.
3. Wanneer een schorsing niet binnen drie maanden gevolgd wordt door ontslag, eindigt de schorsing.
BESLUITVORMING IN HET BESTUUR.
Artikel 12
1. Het bestuur vergadert zo vaak de voorzitter of minimaal twee leden van het bestuur dat willen, maar tenminste één maal per drie maanden.
2. De oproeping voor de bestuursvergadering geschiedt door of namens de voorzitter, met een termijn van tenminste zeven dagen.
3. Het bestuur neemt zijn besluiten met gewone meerderheid van stemmen.
4. Het bestuur kan bij huishoudelijk reglement nadere bepalingen voor zijn eigen vergaderingen en besluitvorming vaststellen.
BEVOEGDHEDEN VAN HET BESTUUR.
Artikel 13
1. Het bestuur is verantwoordelijk voor het bevorderen van het bepaalde in artikel 4,5,en 6 van deze statuten. Het bestuur is belast met  het besturen van de vereniging.
2. De vereniging wordt wettelijk vertegenwoordigd door het bestuur, dan wel door twee gezamenlijk handelende leden van het bestuur indien  één van hen de functie van voorzitter, secretaris of penningmeester bekleedt, dan wel door drie gezamenlijk handelende leden van het  bestuur.
3. Het bestuur kan, als in het huishoudelijk reglement nader bepaald, één of meerdere bestuursleden een algehele of beperkte volmacht  geven de vereniging te vertegenwoordigen; zo’n volmacht moet schriftelijk en ondertekend gegeven worden.
4. Het bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn taak te doen voorbereiden of uitvoeren door  (beleids)commissies die door het bestuur worden ingesteld.
5. Het bestuur is alleen met goedkeuring van de Ledenraad bevoegd tot het aangaan van overeenkomsten tot het verkrijgen, vervreemden of  bezwaren van registergoederen, en tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar  verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een derde verbindt. Op het ontbreken van deze goedkeuring kan door en tegen derden beroep worden gedaan.
6. Het bestuur behoeft eveneens de voorgaande goedkeuring van de Ledenraad voor besluiten tot: a. het aangaan van rechtshandelingen en het verrichten van investeringen of doen van uitgaven een bedrag of waarde van vijfduizend euro (€ 5.000,–) euro te boven gaande, onverminderd het hierna bepaalde en tenzij in de door de Ledenraad vastgestelde begroting of jaarplan voorzien; b. het huren, verhuren en op andere wijze in gebruik of genot verkrijgen en geven van onroerende goederen; c. het aangaan van overeenkomsten, waarbij aan de vereniging een bankkrediet wordt verleend; d. het ter leen verstrekken van gelden, alsmede het ter leen opnemen van gelden, waaronder niet is begrepen het gebruikmaken van een aan de vereniging verleend bankkrediet; e. het aangaan van dadingen; f. het optreden in rechte, waaronder begrepen het voeren van arbitrale procedures, doch met uitzondering van het nemen van conservatoir maatregelen en van het nemen van die rechtsmaatregelen, die geen uitstel kunnen lijden. Op het ontbreken van deze goedkeuring kan door en tegen derden geen beroep worden gedaan.
DE LEDENRAAD.
Artikel 14
1. Aan de Ledenvergadering, verder te noemen Ledenraad, komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten  aan het bestuur zijn opgedragen.
2. Het bestuur roept de leden voor de Ledenraad bijeen zo vaak het dat nodig vindt, maar tenminste vier maal per jaar, waarvan één  vergadering binnen zes maanden na afloop van het boekjaar. Deze vergadering wordt de jaarvergadering genoemd.
3. De oproeping voor elke vergadering moet tenminste twee weken vóór de vergadering gebeuren door de leden een uitnodiging ter hand te  stellen of toe te sturen. Deze uitnodiging vermeldt alle te behandelen onderwerpen, onverminderd het bepaalde in art. 15 lid 10 van deze statuten.
4. Voorzitter en secretaris van het bestuur treden op als voorzitter en secretaris van de Ledenraad; als één van hen afwezig is voorziet  het bestuur in hun vervanging door een ander bestuurslid. Kan op deze wijze ook geen voorzitter of secretaris gevonden worden, dan voorziet  de Ledenraad hier zelf in.
5. Van het verhandelde in de Ledenraad worden door de secretaris of een andere daartoe aangewezen persoon notulen gemaakt. Deze worden in  de eerstvolgende vergadering vastgesteld en ten bewijze daarvan door de voorzitter ondertekend.
6. Wanneer tenminste tien leden van de vereniging gezamenlijk hierom vragen, is het bestuur verplicht een Ledenraad bijeen te roepen  binnen vier weken. Een dergelijk verzoek van de leden moet schriftelijk bij het bestuur worden gedaan. Wanneer het bestuur hieraan geen  gevolg geeft, zijn de verzoekers gemachtigd zelf tot die bijeenroeping over te gaan op de in dit artikel bedoelde wijze dan wel door een  advertentie in tenminste één goed gelezen regionaal blad. Zonodig voorziet de vergadering zelf in haar leiding en het notuleren en het  verloop van die vergadering.
Artikel 15
1. Toegang tot de Ledenraad hebben de leden, de overige deelnemers aan de bewonerscommissies en andere personen die daartoe door het  bestuur zijn uitgenodigd.
2. Alleen leden van de vereniging hebben spreekrecht tijdens de vergadering.
3. Alleen leden van de vereniging hebben stemrecht in de vergadering;
4. Een lid dat is verhinderd de Ledenraad bij te wonen is gerechtigd voor die vergadering een plaatsvervanger aan te wijzen. Deze  plaatsvervanger dient lid te zijn van de bewonerscommissie die het lid heeft voorgedragen en dient tevens huurder te zijn bij verhuurster.  Om gebruik te mogen maken van het stemrecht van het lid, dient de plaatsvervanger per vergadering van de Ledenraad een door het lid en de  plaatsvervanger ondertekende machtiging daartoe te overleggen.
5. De Ledenraad neemt, voor zover deze statuten niet anders bepalen, haar besluiten met een gewone meerderheid van het aantal ter  vergadering uitgebrachte stemmen.
 6. Stemmingen over personen moeten schriftelijk plaatsvinden, alleen wanneer geen van de leden zich hiertegen verzet, mag de vergadering  haar besluit bij acclamatie nemen.
7. Het stemmen over personen bij verkiezingen moet gebeuren met een absolute meerderheid van stemmen; verwerft niemand over wie gestemd  wordt meer dan de helft van het aantal uitgebrachte stemmen (de absolute meerderheid), dan moet herstemming plaatsvinden tussen de  personen die de meeste stemmen behaalden en wel zo, dat het aantal personen over wie dan gestemd wordt, altijd minimaal één meer bedraagt  dan het aantal te vervullen vacatures; bij deze herstemming is de gewone meerderheid van stemmen bepalend.
8. Stemmingen over zaken gebeuren mondeling, tenzij het bestuur of de vergadering tot schriftelijke stemming besluit; bij staken van  stemmen over zaken is het voorstel verworpen.
9. Blanco stemmen en ongeldige stemmen tellen voor de besluitvorming niet mee .
10. Zo lang in een Ledenraad alle leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen met gewone meerderheid  van stemmen, omtrent alle aan de orde komende onderwerpen daaronder begrepen een voorstel tot statutenwijziging of tot ontbinding,  ook al  heeft geen oproeping plaatsgehad of is deze niet op de voorgeschreven wijze geschied of is enig ander voorschrift omtrent het oproepen en  houden van vergaderingen of een daarmee verband houdende formaliteit niet in acht genomen.
11. Het tijdens de Ledenraad uitgesproken oordeel van de voorzitter omtrent de uitslag van een stemming, is beslissend.  Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit voor zover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
12. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het in het eerste lid bedoeld oordeel de juistheid daarvan betwist, dan vindt een  nieuwe stemming plaats, wanneer de meerderheid der vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk  geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
BELEIDSCOMMISSIES.
Artikel 16
1. De Ledenraad kan, op voorstel van het bestuur of minimaal vijf leden een of meerdere beleidscommissies instellen.
2. Deze beleidscommissies adviseren het bestuur en de Ledenraad over het te voeren beleid, met name gericht op de onderwerpen van overleg  met de verhuurster en de vestiging .
3. Aan de beleidscommissies kunnen naast de leden van de vereniging, ook andere huurders van verhuurster deelnemen.
4. De beleidscommissies kunnen in overleg met het bestuur gebruik maken van middelen van de vereniging .
5. De beleidscommissies beslissen over hun eigen samenstelling in overleg met het bestuur en de Ledenraad.
REGLEMENTEN.
Artikel 17
1. De Ledenraad kan één of meerdere reglementen vaststellen.
2. De Ledenraad is bevoegd reglementen te wijzigen en in te trekken.
3. De reglementen mogen niet in strijd zijn met deze statuten of de wet.
JAARVERGADERING EN JAARSTUKKEN.
Artikel 18
1. Vóór de eerste juli van elk jaar houdt de vereniging haar jaarvergadering.
2. Tijdens de jaarvergadering komen in elk geval aan de orde: a. de jaarstukken; b. de voorziening in eventuele vacatures.
3. De jaarstukken omvatten in elk geval: het jaarverslag van de secretaris, een balans, een overzicht van de ontvangsten en uitgaven en  een toelichting op die stukken;
4. Het bestuur legt in de jaarvergadering rekening en verantwoording af over het financiële beheer en gevoerde beleid; goedkeuring van de  jaarstukken door de jaarvergadering dechargeert het bestuur.
Artikel 19
1. De Ledenraad benoemt elk jaar een kascommissie van twee leden, die geen bestuurslid mogen zijn. Deze kascommissie onderzoekt de  rekening en verantwoording door het bestuur en brengt aan de Ledenraad verslag uit van haar bevindingen
2. Een lid van de kascommissie kan deze functie niet meer dan twee achtereenvolgende jaren vervullen. Het heeft de voorkeur dat de leden  van de kascommissie niet in hetzelfde jaar aftreden.
3. Indien het bestuur besluit de controle van de rekening en verantwoording in handen te geven van een accountant, vervalt de in dit  artikel vermelde verplichting tot het instellen van een kascommissie.
BEGROTING.
Artikel 20
Tijdens een vóór 31 december te houden Ledenraad bespreekt de vergadering het beleid, de plannen en de begroting voor het komende  verenigingsjaar. In die vergadering worden tenminste het jaarplan en de begroting besproken.
STATUTENWIJZIGING EN ONTBINDING VAN DE VERENIGING.
Artikel 21
1. De Ledenraad kan besluiten deze statuten te wijzigen of de vereniging te ontbinden; zo’n besluit kan slechts genomen worden in een  speciaal daartoe bijeengeroepen Ledenraad, waarin tenminste twee/derde deel van het totaal aantal uit te brengen stemmen vertegenwoordigd  is en welk besluit moet worden genomen met een meerderheid van tenminste twee/derde gedeelte van het aantal uitgebrachte stemmen.
2. Is in lid 1 van dit artikel bedoelde Ledenraad niet het voor besluitvorming vereiste aantal stemmen vertegenwoordigd, dan kan tenminste veertien, maar ten hoogste acht en twintig dagen daarna een nieuwe Ledenraad gehouden worden, waarin ongeacht het aantal dan  vertegenwoordigde stemmen die besluiten kunnen worden genomen met een meerderheid van tenminste twee/derde gedeelte van het aantal  uitgebrachte stemmen.
3. Zo een vergadering moet het bestuur, dan wel de leden op de wijze als bedoeld in artikel 15.6, tenminste vier weken tevoren bijeen  roepen, met de mededeling dat in die vergadering wijziging van de statuten of ontbinding van de vereniging zal worden voorgesteld.
4. Het bestuur, dan wel de leden op de wijze als bedoeld in artikel 15.6, moet de tekst van de voorgestelde statutenwijziging tenminste  veertien dagen vóór de vergadering aan de leden toesturen en vanaf dat moment op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage  leggen, een en ander tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden
LIQUIDATIE VAN HET VERMOGEN.
Artikel 22
1. Na het besluit tot ontbinding van de vereniging moet het bestuur het vermogen van de vereniging liquideren, tenzij de Ledenraad  anderen daartoe heeft aangewezen;
2. Aan een eventueel batig saldo moet de Ledenraad een bestemming geven die zoveel mogelijk overeenkomst met het doel van de vereniging.
OVERGANGSREGELING.
Artikel 23
De hieronder genoemde personen vormen tot en met 31 december 2008 het bestuur van de vereniging: opsomming van de volledige namen, adressen, geboortedata van de groep die het eerste overgangsbestuur vormt.
Dit bestuur heeft een van de statuten afwijkende samenstelling, zittingsduur en rooster van aftreden en heeft onder meer als opdracht:
1. Het uiterlijk 15 december 2007 opstellen van een begroting en de contouren van het   jaarplan voor 2008; uiterlijk per eind eerste kwartaal 2008 is het is het definitieve jaarplan 2008 gereed.
2. Het uiterlijk op 31 december 2008 houden van statutaire verkiezingen voor het bestuur van de vereniging ;
3. Het voorbereiden van de besluitvorming over de samenwerkingsovereenkomst met verhuurster en de afspraken op grond daarvan met de  vestiging; (kan vervallen als deze inmiddels is afgesloten – planning 6 oktober 2007)
4. Het zorg dragen voor besluitvorming door de Ledenraad over een nieuw Huishoudelijk Reglement op grond van deze statuten;
5. Het zorgdragen voor de voortzetting van de samenwerking met andere huurdersorganisaties en het overleg met verhuurster en de  vestiging;
6. Het zorgdragen voor zorgvuldige communicatie met de bewonerscommissies, huurders en bewoners over de nieuwe start van de vereniging,  alsmede over de mogelijkheid deel te nemen aan een bewonerscommissie of deze op te richten en zich kandidaat te (laten) stellen voor de  ledenvergadering;
7. Het zorgdragen voor de ondersteuning van toekomstige bestuursleden en afgevaardigden in de ledenvergadering.
SLOTBEPALING. Tekst door notaris.
Deze statutenwijziging treedt in werking onmiddellijk na aanname van het wijzigingsvoorstel door de Algemene Ledenraad.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief van Huurders Vereniging Almere